Zelf een gevel bouwen in een reizend lab

Nieuws - 19 februari 2014

De Faculteit Bouwkunde en de Ostwestfalen-Lippe Universiteit (Detmold) gaan met een reizend lab de laatste stand van zaken in de geveltechniek tonen in Europa. Het laboratorium op wielen wordt mogelijk dankzij een grant die Ulrich Knaack binnensleepte uit het Pillars of Sustainable Education Programma.

Het lab biedt ruimte voor workshops en presentaties, maar beschikt ook over een flink arsenaal aan gereedschappen om zelf gevels mee te bouwen. Daarmee kunnen studenten aan de slag wanneer de mobiele inrichting hun universiteit aandoet. “Het gaat er in dit project om dat je leert begrijpen hoe een gevel werkt”, legt Knaack uit. “Dat lukt niet als je alleen vanachter een computer werkt, daarvoor moet je een constructie met eigen handen in elkaar zetten.” Het project gaat uit van de Facade Research Group, die Knaack oprichtte vanuit zijn leerstoel Design of Construction.
Studenten kunnen in het lab maquettes bedenken, engineeren en bouwen met behulp van de nieuwste kennis en middelen. Daarbij krijgen ze hulp van een geveldeskundige. In de workshop is het bijvoorbeeld mogelijk te experimenteren met middelen voor weren of juist benutten van zonlicht en geluid, maar ook met techniek voor opwekking, opslag en distributie van energie in de gevel. Combinatie van slimme technieken moet een “denkende huid” opleveren. Voor het samenstellen van een zelfregulerende gevel zijn in de workshop ook sensoren, piëzo-elektrische technieken en 3d-printers beschikbaar. De maquettes worden gebouwd op schaal 1:1, maar hebben een maximale omvang van het frame (1,20 x 2,50 meter) waarin ze worden geplaatst. Daarin worden ze ook tentoongesteld.

Het lab wordt ingericht in een vrachtwagenaanhanger en zal te bewonderen zijn bij conferenties van het European Facade Network (EFN), dat als partner deelneemt. Verder doet het een aantal Europese universiteiten aan met een masterprogramma Geveltechniek. In Bath (Engeland), bouwden studenten inmiddels een aantal gevelmaquettes met behulp van de toolbox uit het lab. Andere universiteitssteden die op het programma staan zijn Detmold en Aken (Duitsland), Parijs (Frankrijk) Luzerne (Zwitserland) en San Sebastian (Baskenland). In oktober is het lab voor een expositie op de Glasstech 2014 in Düsseldorf.
Kennisuitwisseling met universiteiten en de ontwerp- en gevelindustrie is het hoofddoel van het project. Het moet bijdragen aan de ontwikkeling van duurzame, geïntegreerde oplossingen voor de volgende generatie gebouwen, meer comfort voor de eindgebruiker en een verminderde ecologische voetafdruk. Structurele samenwerking met de gevelindustrie is niet de bedoeling, maar de wederzijdse informatie-uitwisseling kan een vervolg krijgen als de labexperimenten veelbelovende innovaties opleveren.

Prof. dr. ing. Ullrich Knaack (hoogleraar Design of Constructions) leidt het dertig maanden durende project samen met prof.dr.ing. Uta Pottgiesser (OWL). Het samenwerkingsverband van TU Delft, OWL en EFN is een van zes consortia die een grant uit het Pillars of Sustainable Education programma wonnen. Alcoa Foundation heeft dit programma in samenwerking met Architecture for Humanity opgetuigd ter ondersteuning van onderwijs in duurzaamheid en gebruik van duurzame materialen in de ontwerppraktijk. Het totale programma is goed voor 1,5 miljoen dollar.

Op www.facadeworld.com zijn voorbeelden te vinden van maquettes die inmiddels zijn gebouwd.