De afdeling Biomechanical Engineering van de faculteit Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek & Technische Materiaalwetenschappen (3mE) van de TU Delft wordt officieel partner van het Co van Ledden Hulsebosch Centrum (CLHC), het Amsterdams forensisch expertisecentrum. Al enkele jaren werken de Delftse werktuigkundig ingenieur Arjo Loeve en zijn collega’s samen met het CLHC, onder andere aan diverse tools op forensisch gebied, zoals een bemonsteringstool voor gevaarlijke pakketjes, en slimme instrumenten om heel betrouwbaar sporen af te nemen bij slachtoffers op een plaats delict. Het officiële partnerschap is wat Loeve betreft een bevestiging van de goede samenwerking, en een opstap naar uitbreiding van de onderzoekslijn ‘Engineering for Forensics’ binnen de TU Delft.

CLHC

Het CLHC bundelt kennis en expertise op het gebied van forensisch en medisch onderzoek in de regio Amsterdam. Het Amsterdams forensisch expertisecentrum brengt samenwerkingen tot stand tussen onderzoekers en mensen uit het werkveld en stelt relevante wetenschappelijke inzichten en methoden uit de academische wereld beschikbaar voor vraagstukken bij forensisch onderzoek. Oprichters zijn het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), het Amsterdams Medisch Centrum (AMC) en de Universiteit van Amsterdam  (UvA). Na twee jaar succesvolle forensische samenwerking in Amsterdam heeft het CLHC de ambitie om een centrum voor heel Nederland te worden als het gaat om forensisch wetenschappelijk onderzoek. De TU Delft is de eerste partner buiten dit consortium die nu officieel toetreedt.

Delfts forensisch onderzoek

Er vindt veel forensisch onderzoek plaats aan de TU Delft, verspreid over de diverse faculteiten. Delftse onderzoekers dragen op diverse manieren bij aan politieonderzoek of ander forensisch onderzoek, zoals het gebruik van stromingsdata om een stoffelijk overschot te lokaliseren, en de inzet van augmented reality op een plaats delict, maar ook de reconstructie van vliegtuigongelukken.

Loeve; ”We zijn er trots op dat we als afdeling nu ook officieel als partner zijn toegetreden tot het netwerk van het CLHC. Het is erkenning vanuit het veld dat we echt meedoen. Deze toetreding zal leiden tot bredere samenwerking en sterkere onderzoeksprojecten door directere uitwisseling van expertise en faciliteiten. Ik hoop daarnaast dat ik ook andere forensische onderzoekers binnen de TU Delft geïnteresseerd krijg om een bredere Delftse onderzoekslijn ‘Engineering for Forensics’ op te bouwen. Daar helpt dit partnerschap zeker aan mee.”

Onmisbare schakel

Arian van Asten, directeur CLHC en R&D-coördinator  bij het NFI, ziet de TU Delft als onmisbare schakel in het netwerk van het CLHC; ”Het partnerschap met de TU Delft is een uniek traject, ik ben er zeker van dat we hiermee het wetenschappelijk forensisch onderzoek nog meer op de kaart zetten. De diverse forensische initiatieven binnen de TU Delft kunnen op termijn een grote meerwaarde leveren aan het forensisch zaakonderzoek zowel in het laboratorium als op de plaats delict. Voor een technische universiteit als de TU Delft is de combinatie van wetenschappelijke kwaliteit en praktische expertise daarbij kenmerkend.“

Foto: Een prototype om op een betrouwbare manier microscopisch kleine sporen (zoals haartjes, huidcellen of vezels) te verzamelen op een slachtoffer of object op een plaats delict, ontwikkeld i.s.m. het NFI.

Meer informatie

CHLC
TU Delft, afdeling Biomechanical Engineering
NFI

Dr.ir. Arjo Loeve, onderzoeker afdeling BME/faculteit 3mE/TU Delft, 06 308 76 959, a.j.loeve@tudelft.nl
Prof.dr. Arian van Asten, directeur CHLC, 070 8886316, a.van.asten@nfi.minvenj.nl
Fien Bosman, communicatieadviseur TU Delft/3mE , 06 249 537 33, f.j.bosman@tudelft.nl