TU Delft startte onlangs het CardioLab, een samenwerking met de Hartstichting en Philips Design. Hier wordt met slimme technologie data gebruikt om hart- en vaatziekten vroegtijdig op te sporen en zo patiënten in de toekomst beter te behandelen. Op dinsdag 17 oktober studeert Leonard Moonen af aan de TU Delft op het eerste concrete resultaat uit dit CardioLab: een sensorarmband die boezemfibrilleren detecteert. 

Hart- en vaatziekten zijn wereldwijd de belangrijkste doodsoorzaak. Wat betreft zorg en preventie van hart- en vaatziekten valt nog veel te winnen. Zo kan het langduriger monitoren van hartpatiënten helpen om de nadelige gevolgen van deze ziekte te beperken. De Hartstichting, Philips Design en TU Delft werken daarom nu samen in het CardioLab. ‘We werken gezamenlijk aan slimme, data-gedreven innovaties die de kwaliteit van leven van hartpatiënten verbeteren en medisch specialisten en andere hulpverleners beter inzicht geven in de conditie van de patiënt,’ zegt onderzoeker Maaike Kleinsmann van de Delftse faculteit Industrieel Ontwerpen en directeur van het CardioLab. Data-gedreven oplossingen maken het volgens de onderzoekster mogelijk om data van mensen die tot de risicogroep behoren (hoge bloeddruk, overgewicht, roken) in kaart te brengen. ‘Hierdoor zijn hart- en vaatziekten eerder te herkennen en kan mogelijk ook sneller gestart worden met behandeling.’  

Sensor armband
Het CardioLab heeft al de eerste concrete resultaten opgeleverd. Zo heeft afstudeerder Leonard Moonen een armband (voor de bovenarm) ontworpen die boezemfibrilleren met een speciale sensor kan detecteren zonder dat de patiënt hier veel hinder van ondervindt: Afi. ‘Dit is wenselijk omdat de fibrillaties in de vroege stadia van deze aandoening nog zeldzaam zijn. Op dit moment worden (mogelijke) patiënten maar 24 tot 48 uur gemonitord. Maar omdat dit een relatief korte periode betreft, is er een aanzienlijke kans dat je de ziekte niet constateert’, zegt Kleinsmann. ‘Dus het kan lijken alsof er niets mis is, terwijl de patiënt toch al behoorlijk ziek kan zijn. Om dit probleem aan te pakken, heeft Leonard een toepassing ontwikkeld die boezemfibrillaties kan detecteren via een sensor op de bovenarm. Dit apparaat kan lange-termijnmetingen uitvoeren, zodat je de kans vergroot dat je iets abnormaals vaststelt.’

Sensor armband Afi

In het CardioLab willen de drie deelnemende partijen meer van dit soort apparaten gaan gebruiken om data te genereren.

Big data en ontwerpen
Het idee om een researchprogramma op te zetten met Philips Design en de Hartstichting ontstond pas twee jaar geleden. Afi is een concreet voorbeeld van de slimme product-dienst combinaties die het CardioLab de komende jaren wil ontwikkelen. Deze nieuwe product-dienst combinaties vragen volgens Kleinsmann om nieuwe ontwerpmethoden voor industrieel ontwerpers. ‘De data die de systemen genereren vormen input voor services die specifiek aansluiten op de behoefte van de individuele gebruikers, denk aan ontspanningsoefeningen en voedingsadvies. Ontwerpers moeten dus flexibele systemen leren ontwerpen. Maar ook moeten om kunnen gaan met ‘big data’; de gezamenlijke input van alle gebruikers levert immers data op die artsen en verpleegkundigen kunnen helpen om het verloop van bepaalde ziektes beter te begrijpen.’
Met de komst van het CardioLab, en met behulp van nieuwe ontwerpmethoden, verwacht Kleinsmann  een steeds vollediger beeld te krijgen van de verschillende factoren die een rol spelen bij een hartinfarct. ‘Signalen vroeg herkennen is cruciaal. Door grote groepen mensen op deze manier te volgen, kunnen onderzoekers vroege, aan de oppervlakte onzichtbare indicatoren, voor hart- en vaatziekten aan het licht brengen.’ 

Op maat
Binnen het laboratorium gebruiken ze niet alleen data van bloeddruk en hartritme. ‘We kijken ook naar andere data. Zo hebben we slimme sensoren die het gedrag van het individu observeren. Daarmee kan er gerichter advies worden gegeven wanneer iemand een hoog risico loopt op bijvoorbeeld een hartinfarct.’ Bij welk inspanning stijgt de bloeddruk tot gevaarlijke hoogte? Is het stress- of inspanning gerelateerd en hoe hangen die factoren samen? ‘Door mensen meer op maat te observeren, leert de technologie ons hoe het lichaam op bepaalde situaties reageert en of dat risico’s voor hart- en vaatziekten oplevert’, besluit Kleinsmann.

Voor alle duidelijkheid: het CardioLab is geen fysiek laboratorium, maar betreft vooral samenwerking tussen de Hartstichting, Philips Design en TU Delft in onderzoeksprojecten via een nieuwe werkwijze.

Meer informatie
Lees ook ‘hartpatiënten helpen met sensoren en data’, onderzoeksverhaal van de faculteit Industrieel Ontwerpen, TU Delft.
Afi, de sensorarmband die boezemfibrilleren detecteert, is ook te zien op de Mind the Step tentoonstelling tijdens de Dutch Design Week van 21 oktober – 29 oktober in Eindhoven.

Contact
Maaike Kleinsmann (onderzoeker TU Delft en directeur CardioLab), M.S.Kleinsmann@tudelft.nl , 06 47238673
Leonard Moonen (afstudeerder TU Delft en ontwerper Afi), leonardmoonen@gmail.com , 06 81470163
Claire Hallewas (persvoorlichter TU Delft), c.r.hallewas@tudelft.nl, 06 40953085