De grootschalige stadsvernieuwing die China de afgelopen decennia meemaakte, gaat gepaard met massale sloop van oude woningen. Dat is lang niet altijd noodzakelijk, constateert promovendus Taozhi Zhuang. Hoog tijd voor heldere richtlijnen en een efficiënter besluitvormingsproces.

In het China van Mao Zedong was 'vervang het oude door het nieuwe' een gevleugelde uitdrukking. Maar die kreeg in de stedenbouw pas gehoor tijdens de afgelopen decennia van explosieve economische expansie en urbanisatie. Liefst 85 procent van de stadsvernieuwing in grote steden gebeurt tegenwoordig door sloop en nieuwbouw. Van oudere, traditionele stadswijken uit de eerste decennia van de vorige eeuw is vaak niets meer terug te vinden. “Renovatie is relatief duur en daarom niet populair”, vertelt Taozhi Zhuang. “Het gevolg is dat grondstoffen en sociale netwerken onnodig verloren gaan.”

Zhuang hield in zijn promotieonderzoek het besluitvormingsproces achter deze politiek van slopen en vernieuwen tegen het licht. Op zichzelf is hij geen tegenstander van stadsvernieuwing, want in veel steden zijn nog kleine, gammele huizen te vinden zonder eigen toilet en buitenruimte. Maar er zijn ook buurten met relatief goede huizen die zonder pardon verdwijnen onder de slopershamer. Wie maakt de beslissing om dat te doen en waarop is die gebaseerd, vroeg de Chinese promovendus zich af?

Bij zijn onderzoek concentreerde hij zich op de stadsvernieuwing in Chongqing. Dat is een stad in Zuidwest-China met rond de 30 miljoen inwoners en jaarlijks zo'n honderd verschillende stadsvernieuwingsprojecten. Bij grote locaties gaat het soms om vervanging in één keer van wel 20.000 woningen. Zhuang ging op zoek in openbaar toegankelijke bronnen naar de richtlijnen en sprak met de diverse stakeholders: wat zijn de doelstellingen van overheden, bewoners en adviseurs bij stadsvernieuwingsprojecten en hoe vullen ze hun rol in?

Compensatieregeling

Het bleek niet makkelijk om heldere richtlijnen te vinden voor de aanpak van stadsvernieuwingsoperaties. “Er is vastgelegd dat sloop is toegestaan als dat in het publieke belang is, maar het is niet duidelijk gedefinieerd wat 'publiek belang' is”, zegt Zhuang. “Mensen op sleutelposities kunnen er dus zelf over beslissen.”

Wat de drijfveren zijn van de verschillende belanghebbenden? Overheden willen in de eerste plaats de sociale stabiliteit bewaren en de lokale economie aanjagen. Bij bewoners draait het om betere huizen én om een betere compensatieregeling voor het huis dat ze moeten verlaten. En adviseurs zien wel dat er zaken misgaan, maar worden niet gehoord. Vaak krijgen ze pas betaald als hun advies de overheid welgevallig is.

Betekent dit dat de overheid onbetrouwbaar is? Nee, constateert Zhuang, 'de overheid' bestaat helemaal niet als een eenheid. Lokaal spelen misschien wel tien afdelingen een rol in de stadsvernieuwing en zij hebben allemaal een eigen agenda. Bovendien blijken de belangen en doelstellingen van de centrale overheid vaak te botsen met die van de lokale. Hij vindt daarom dat China een voorbeeld zou moeten nemen aan Hong Kong en Singapore. Daar heeft een onafhankelijk departement voor Stadsvernieuwing de leiding. Het maakt plannen op basis van wetenschappelijk onderbouwde feiten, de grillen van een individuele ambtenaar geven niet de doorslag.

Ook pleit hij voor een onafhankelijk informatieplatform waar iedereen – ook de bewoners – terecht kan. Want zonder goed onderbouwde feiten is een degelijke besluitvorming onmogelijk.

Verder constateert hij dat het besluitvormingsproces te gefragmenteerd is. Pas als een blauwdruk voor een grootschalige stadsvernieuwing op tafel ligt, gaan overheden met bewoners in gesprek over compensatieregelingen. “Die twee processen moet je tegelijk doen”, zegt Zhuang. “Als bewoners niet in een vroeg stadium participeren, kunnen ze alleen nog ja of nee zeggen. Dat kost onnodig tijd en geld en het schaadt de sociale stabiliteit. En dat is het laatste wat wij willen in China.”