Er zijn steeds meer nieuwe vormen van duurzame energie, waaronder geothermie. Hierbij wordt heet water diep uit de grond omhoog gepompt om bijvoorbeeld huizen te verwarmen. Cas Verweij, bestudeerde CO2-bubbels in de ondergrond om te kijken of het gesteente geschikt is voor geothermie. 

Als student Applied Earth Sciences maakte hij onderdeel uit van een groot Europees project naar geothermie, opgezet door zeven vooraanstaande Europese universiteiten. De TU Delft heeft veel kennis in huis over de ondergrond en de processen die zich hierin voltrekken. Cas heeft experimenten uitgevoerd om te kijken naar kleine CO2 bubbels die vrijkomen als het water door het gesteente stroomt: des te meer CO2, des te minder is het gesteente geschikt voor aardwarmte. 

Hoe is dit onderzoek op je pad gekomen?

Ik wilde heel graag afstuderen in het Rock Mechanics lab van de TU Delft, dus reageerde ik daar op een thesisvoorstel die online stond. Tijdens mijn eerste gesprek met mijn begeleider kwam zij met een ander voorstel dan wat ik verwachtte, namelijk het onderzoek naar bubbels in grondwater. Ik wist nog niks over dit onderwerp en wist dan ook niet goed wat ik kon verwachten, maar na wat onderzoek gedaan te hebben was ik gelijk enthousiast. 

 

Wat heb je gedaan in dit onderzoek?

Tijdens mijn afstuderen heb ik onderzoek gedaan naar het ontgassingsproces van CO2. Waardoor en hoe dit proces begint, en naar de invloed van dit proces op de stroming van water door gesteente.

Voor mijn onderzoek heb ik, in ongeveer een half jaar tijd, onderzoek in het lab gedaan. Hier heb ik water, met daarin opgelost CO2, onder hoge druk en temperatuur door verschillende soorten stenen gepompt. Met druksensoren kon ik meten hoe makkelijk water door de steen stroomt en daardoor ook het effect van CO2-bubbels die vrijkomen uit het water. 

Hoe sluit deze ervaring aan bij je bachelor Applied Earth Sciences?

De bachelor Applied Earth Sciences is erg gevarieerd in zijn onderwerpen en vakken. Wat leuk is, is dat er in dit onderzoek onderwerpen bij elkaar komen waar tijdens in mijn bachelor nog geen verband wordt gemaakt en je uiteindelijk het grotere plaatje begrijpt. Daarnaast maak je tijdens de bachelor voor het eerst kennis met labwerk tijdens het vak ‘rock mechanics’ en dit sprong er voor mij als leukste boven uit. 

Welke onderdelen van vanuit je master kon je toepassen? 

Ik volg de Petroleum Engineering track binnen de master Applied Earth Sciences. Petroleum Engineering is, zoals de naam al aangeeft vooral gericht op de petroleumindustrie, dus olie en gas. Je leert hier onder andere over de stroming van olie en gas door een reservoir en de oplosbaarheid van gassen in olie. Veel van wat je leert in die vakken is ook direct toepasbaar op meer duurzame vormen van energie zoals aardwarmte. Het vernieuwde masterprogramma Applied Earth Sciences richt zich op een meer duurzame omgang met onze aarde en energiewinning, waarbij de bestaande technieken voor energiewinning een belangrijke basis vormen.

Waar keek je van tevoren het meest naar uit?

Hetgene waar ik het meest naar uit keek en waar ik ook ik het meest van heb genoten tijdens mijn thesis, is het bezig zijn in het lab. De reden dat ik mijn thesis bij het Rock Mechanics lab wilde doen, was omdat het mij leuk leek om fysiek aan het werk te gaan in plaats van veel achter de computer te zitten. Na bijna zes maanden in het lab, kan ik zeggen dat dat is gelukt en dat ik dat ook echt het leukste vond om te doen.

Wat was de grootste uitdaging?

De grootste uitdaging vond ik om te beslissen welke kant op te gaan tijdens het onderzoek. Er zijn vele mogelijke richtingen om uit te kiezen, die allemaal interessant zijn. Hoe je de belangrijkste of meest interessante kiest, vond ik dan ook erg lastig.

 

Hoe gaat het onderzoek nu verder?

Als ik klaar ben, gaat het onderzoek door en wordt er gekeken naar andere variabelen die invloed hebben op het ontgassingsproces van CO2 in gesteente, zoals bijvoorbeeld het zoutgehalte van het water. Ook is het de bedoeling om experimenten in een CT-scanner uit te voeren om nog beter een beeld te krijgen van hoe bubbels vormen en hoe ze zich gedragen in een gesteente. 

Wat zijn je eigen plannen?

Na mijn afstuderen aan de TU Delft ga ik ook een tweede master afronden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam waar ik de master ‘International Public Administration’ volg. Als ik daar klaar mee ben, zou ik het liefst ergens aan de slag gaan waar ik deze twee masters met elkaar kan combineren door bijvoorbeeld te werken aan beleid op het gebied van geothermie.

/* */