Kevin Cowan: ‘Uit je hoofd leren is niet denken’

Als docent Space Engineering wil Kevin Cowan zijn studenten de essentie van het begrijpen bijbrengen. Sinds september staat op een hoek van zijn bureau de prijs voor Docent van het Jaar 2016-2017 van de faculteit Luchtvaart- en Ruimtevaartechniek te glimmen. ‘Die staat daar niet omdat ik wil opscheppen,’ vertelt Cowan, ‘maar om me eraan te herinneren dat het echt gebeurd is, dat er waardering is voor wat ik doe.’

Cowan haalde zijn bachelor in Texas (Verenigde Staten) en zijn master aan de faculteit Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek van de TU Delft, waar hij nu les geeft in ruimtevaarttechniek. Hij heeft ook een MBA op zijn naam en was eerder actief in strategisch en financieel advieswerk voor talloze organisaties, waaronder de Britse overheid. ‘Het was interessant werk maar op een gegeven moment begon ik me af te vragen hoe ik echt iets zou kunnen bijdragen aan deze wereld.’ Hij herinnerde zich hoe inspirerend bepaalde docenten (onder wie Ron Noomen) tijdens zijn studie waren geweest. ‘Zij legden niet zomaar iets uit, maar legden de magie van een vak bloot. Het klinkt als een cliché, maar als je zo’n vuur in iemands geest kan aanwakkeren, kan die later elke uitdaging aan.’ Cowan besloot zijn steentje bij te dragen door les te geven.

Zo nieuwsgierig als Newton

Cowan geeft onder andere de mastervakken Astrodynamics I en II samen met zijn collega Eelco Doornbos. Het belangrijkste studieboek, ‘Fundamentals of Astrodynamics’, staat vol met formules en tekst. Hoe pak je dat aan, lesgeven in zo'n zwaar vak? ‘Ik begin met iets fundamenteels waar alle studenten zich iets bij kunnen voorstellen. Dan gaan we de formule afpellen en uit elkaar trekken. Begrijp je echt waar de formule over gaat? Of heb je hem gewoon uit je hoofd geleerd? Memoriseren wat je waarneemt is nuttig, maar helpt je niet om iets te voorspellen of iets nieuws te maken. Als we een idee ontrafelen totdat we alle verschillende bouwstenen hebben begrepen, kunnen we met die delen van alles bouwen.’

Cowan verwijst naar Newton. ‘Stel je voor: je zit naast Newton. Hij zit in zijn kamer achter zijn bureau met ganzenveer en papier. Er brandt een kaars op de hoek van zijn bureau, die de kamer verlicht. Hij kijkt uit het raam, staart naar de sterren en vraagt zich af: “Hoe werkt het allemaal?” Ik probeer mijn studenten dat gevoel voor fysica bij te brengen, het wonder en de essentie van het begrijpen. Je hebt Google of een computer helemaal niet nodig om het te bevatten.’

Toeters en bellen

‘In het begin was ik niet erg gecharmeerd van online-onderwijs,’ aldus Cowan. ‘Het was alleen maar een andere manier om lesmateriaal aan studenten aan te bieden, dat overigens best bruikbaar kan zijn. Intussen heb ik oog gekregen voor de verrassende voordelen. Toch kan online-onderwijs nooit de plaats innemen van de menselijke interactie in het leslokaal. We moeten ons niet te veel laten afleiden door alle toeters en bellen van online-tools.’ Wat is de toegevoegde waarde van klassikaal onderwijs? Cowan: ‘Het onderwijs steunt op drie pijlers: kennis, vaardigheden en motivatie. Als iemand slechts gedeeltelijk over de eerste twee beschikt maar zeer gemotiveerd is, kan hij of zij heel ver komen. Met motivatie kun je bergen verzetten. Studenten motiveren, je werkelijk met hen verbinden en een echt, doordacht gesprek voeren is onmogelijk zonder rechtstreeks contact. Wanneer je als docent alleen maar informatie aan studenten overdraagt, iets wat een computer net zo goed kan, ben je gauw je baan kwijt. Of nee, dan zou je je baan gauw kwijt moeten zijn.’

Cowan kan zich geen wereld voorstellen waarin onderwijs alleen nog maar online wordt gegeven. ‘Dat zou niet optimaal zijn,’ vindt hij. ‘Als we de uitdagingen willen aanpakken waar de wereld momenteel mee geconfronteerd wordt, zullen we moeten samenwerken. Doen we dat niet, dan hebben we een groot probleem. Universiteiten zijn de heksenketels waarin verandering wordt bereid. We moeten ons meer inspannen en onze verantwoordelijkheid nemen: om studenten te helpen actief-lerende mensen te worden in plaats van passieve ontvangers van kennis, en om studenten te helpen een proactieve rol te spelen ten behoeve van een betere samenleving en zorg voor onze planeet, kortom hun kennis, vaardigheden en motivatie in te zetten voor positieve verandering.’