Eberhard Gill

Naam?

Prof. dr. E.K.A. (Eberhard) Gill.

Functie?

Hoogleraar/leerstoelhouder Space Systems Engineering. 

Privé?

‘Ik ben in 1961 geboren in Öhringen (Duitsland). Ik ben 25 jaar getrouwd met Margit en we hebben een dochter van 25 en een zoon van 22 jaar. Katharina doet de Masteropleiding natuurkunde in Frankfurt, Johannes studeert Mediatechnologie in Wenen. Margit en ik wonen sinds vijf jaar in Delft. Mijn vrouw heeft theologie gestudeerd, en werkt nu in het taalonderwijs bij het Goethe-Institut Rotterdam. We hebben eerst in Oberpfaffenhofen gewoond, nabij München. Iedereen die iets met ruimtevaart heeft, kent dit dorpje wel, omdat het German Aerospace Center (DLR) daar gevestigd is.’ 

Favoriete vrijetijdsbesteding?

‘Cultuur en natuur zijn een grote passie van mij. Ik geniet van de natuur door te wandelen. Samen met mijn vrouw ben ik bezig met een wandeltocht van München naar Venetië; over de Alpen dus. We doen dit in etappes: elk jaar lopen we drie tot vier dagen. We hebben nu bijna 80% van de tocht achter de rug, in augustus gaan we verder in Belluno (Italië). Verder lees ik veel en werken mijn vrouw en ik aan kunstprojecten (zie www.gills-web.de) waarin we onze vakmatige interesse voor theologie en ruimtevaart combineren. Een voorbeeld is ons Kultur-Netzplan: een kaart van het metronetwerk van München, waarbij alle stations de naam hebben gekregen van personen die veel betekend hebben in bijvoorbeeld natuurkunde, filosofie, politiek, kunst en film.’

Carrière in vogelvlucht?

‘Ik heb natuurkunde gestudeerd en ben gepromoveerd op theoretische astrofysica aan de Eberhard-Karls-Universität Tübingen (Duitsland). Ook heb ik in 2005 mijn Master in Space Systems Engineering behaald aan de TU Delft. Ik heb bijna twintig jaar als onderzoeker bij het German Aerospace Center gewerkt. Sinds 2007 ben ik leerstoelhouder SSE bij TU Delft.’

Mooiste gebeurtenis uit uw carrière?

‘Het behalen van mijn Master in Space Systems Engineering in het kader van het SpaceTech programma van de TU Delft. Een fantastische opleiding die alles omvatte over ruimtevaart: de leerstof was heel breed, maar tegelijkertijd zeer diepgaand. Alle aspecten kwamen aan bod, van ondernemen en juridische zaken tot psychologie. Ook op het persoonlijke vlak heb ik enorm veel geleerd. Het was behoorlijk pittig omdat ik de studie, met een belasting van zo’n 1200 uur, naast mijn werk deed. Maar wat heb ik ervan genoten!’

Leukste aan uw werk?

‘Het samen met studenten werken. Uniek is dat onze groep niet alleen theoretisch bezig is, maar daadwerkelijk satellieten bouwt die de ruimte ingaan. Dat is bijzonder spannend en uitdagend! Ter illustratie: in 2008 is Delfi-C3 gelanceerd, de eerste Nederlandse studentensatelliet. Daar hebben 60 studenten van L&R en EWI aan gewerkt. Nu, vier jaar later, werkt de satelliet nog steeds. Dit project is bedoeld voor educatie en het testen van technologie: een nieuw type zonnecel van Dutch Space bijvoorbeeld (de Thin Film Solar Cell ) en een nieuwe zonnesensor van TNO (de Autonomous Wireless Sun Sensor). De samenwerking met andere faculteiten, de Nederlandse industrie en kennisinstituten, maakt mijn werk eveneens inspirerend. Satellieten ontwikkelen is echt een multi-disciplinaire aangelegenheid. Verder hou ik ervan om nieuwe manieren van onderwijs te ontwikkelen. Zo laat ik in mijn Mastercourse de ene groep studenten opdrachten maken die een andere groep heeft bedacht. Dat levert interessante resultaten op. Qua onderzoek vind ik het boeiend om steeds de grenzen op te zoeken. We zijn al ver gekomen als je bedenkt dat een klassieke satelliet enorm groot was en 25 jaar ontwikkeltijd nodig had, terwijl Delfi-C3 het formaat van een pak melk heeft en in drie jaar tijd is ontwikkeld. Maar we willen nog verder! Dat kan hier in Delft, waar we snel kunnen schakelen.’

Grootste uitdaging op dit moment?

‘Ik zou zeggen: mensen enthousiast maken over de ruimtevaart, en dan vooral bij de overheid. De politiek stelt helaas steeds minder geld beschikbaar, en dat is een gemiste kans. We moeten dus laten zien wat de ruimtevaart voor de samenleving kan betekenen. Er zijn nog volop mogelijkheden die de moeite waard zijn om aan te werken, in termen van milieu en navigatie bijvoorbeeld, ook voor kleine landen zoals Nederland.’

Waarom Delft?

‘Tijdens mijn Masterstudie kwam ik in contact met mensen hier in Delft. Toen er een vacature voor leerstoelhouder vrij kwam, werd ik daarvoor gevraagd. Ik ervaar Delft als een fantastische werkomgeving. Ik heb geweldige collega’s, er zijn veel grote namen in huis, er is veel kennis en we hebben uitmuntende studenten. Fantastisch! De overstap naar Nederland was natuurlijk wel ingrijpend. Onze dochter ging net het huis uit, dus zij ging niet mee, maar onze zoon moest nog twee jaar VWO afmaken. Hij is meeverhuisd en heeft zijn VWO eindexamen behaald aan de Duitse internationale school in Den Haag. Mijn vrouw heeft eerst Nederlands geleerd en is zich daarna gaan settelen, tot volle tevredenheid. Tot nu toe hebben we absoluut geen spijt!’

Beste eigenschap?

‘Dat is lastig om over jezelf te zeggen, maar ik kan visie en structuur combineren. Zo heb ik een visie op één specifiek aspect van de ruimtevaart over 30 jaar, namelijk: het inzetten van kleinere satellieten en missies met zwermen satellieten tegelijk, die met elkaar samenwerken. Tegelijkertijd weet ik ook op welke manier we dat kunnen bereiken.’

Minst goede eigenschap?

‘Mijn ambitie. Als je ambities namelijk te hoog zijn, loop je risico’s.’

Welk onderwerp hoort volgens u hoog op de politieke agenda?

‘Kwaliteit moet hoog op de prioriteitenlijst staan. Als je kijkt naar het onderwijs, dan zie je dat de geldkranen dichtgaan en dat is helaas absoluut een bedreiging voor de kwaliteit ervan.’

Inspiratiebron?

‘Franz Kafka, een Duitstalige schrijver (1883 – 1924), woonachtig in Praag. Hij schreef onder meer: Believing in progress does not mean believing that any progress has yet been made. Hierin komt mijn ambitie tot uitdrukking: probeer altijd verder te gaan, stop en rust niet!’