Pim Groen

Naam?

Prof. dr. W.A. (Pim) Groen

Functie?

Hoogleraar SMART Materials bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek (L&R) in Delft. Tevens Programma Manager van Holst Centre, TNO

Privé?

‘Ik ben getrouwd met Nelleke Verweij. We zijn de trotse bezitters van twee katten en zijn actief voor de Dierenbescherming in Eindhoven. Mijn vrouw is Manager IP Support bij Philips. We kennen elkaar al van de middelbare school en hebben beiden Chemie gestudeerd in Leiden. Samen trekken we er graag op uit. We wandelen veel en duiken graag. Zo hebben we al veel duikplekken gezien, waaronder het Great Barrier Reef in Australië. Op z’n tijd doen we ook aan langlaufen, binnenkort weer in Zwitserland. Twintig jaar hebben we in de buurt van Sittard gewoond. Nu wonen we sinds drie jaar in Eindhoven-Acht.’

Favoriete vrijetijdsbesteding?

‘Reizen! Afgelopen zomer nog hebben we een rondreis door west-Canada/USA gemaakt. Maar we hebben ook eens een week Hawaï, drie weken Nieuw-Zeeland en een week duiken op de Fiji-eilanden gecombineerd. Dat was de mooiste vakantie ooit! Mede door mijn werk heb ik al veel van de wereld gezien. Zo kwam ik afgelopen februari in Israël. Ik kom uit een christelijk gezin en ken daar dus veel plekken van naam. Maar om er daadwerkelijk rond te lopen was een fantastische ervaring. Een tweede passie is het lezen van historische boeken; mijn boekenkasten staan er vol mee. Onlangs nog heb ik gelezen over de geschiedenis van Jeruzalem, momenteel lees ik over het Midden-Oosten. Ook de Tweede Wereldoorlog heeft mijn interesse. Ooit heb ik overwogen om geschiedenis te gaan studeren, maar mijn vader raadde dat af. Nu is het een hobby. Als ik de kans krijg, bezoek ik ook historische gebouwen. ’

Carrière in vogelvlucht?

‘In 1987 heb ik mijn studie chemie afgerond in Leiden, richting vaste stofchemie. Ik ben daar afgestudeerd op de kristalstructuren en eigenschappen van perovskieten, en dat is nog steeds een rode draad in mijn werk. Na een tweejarig AIO-schap voor Philips in Leiden kwam ik op het Philips NatLab, een droomplek voor een techneut. Na 2,5 jaar promoveerde ik op keramische supergeleiders. Bij Philips Research werd ik daarna benoemd tot ‘blijver’ in de research. Dat was een belangrijke beslissing in mijn carrière. Daarna volgden diverse R&D-functies bij Philips en bij Morgan Electroceramics, ook in het buitenland. In 2008 ben ik overgestapt naar TNO Science & Industry, waar ik de groep Materials Performance heb geleid. Sinds 2011 ben ik Programma Manager bij het Holst Centre, vier dagen per week. Op verzoek van Sybrand van der Zwaag gaf ik bij de TU Delft al sinds de zomer van 2008 diverse (master)colleges als visiting scientist. En nu ben ik dus benoemd als hoogleraar SMART Materials, voor één dag in de week.

Mooiste gebeurtenis uit uw carrière?

‘Dat zijn er meerdere. Mijn laatste benoeming natuurlijk, bij de TU Delft, maar ook de nominatie tot senior scientist bij Philips. Een prachtige erkenning voor mijn werk als wetenschapper! Ook heb ik eens een tweedaags event georganiseerd voor Taiwanese fabrieksdirecteuren en marketing directors. Dat pakte heel goed uit. Daarvan heb ik geleerd dat er naast de wetenschap nog volop andere boeiende uitdagingen liggen. Het ging toen ook om de link tussen de wensen van de marketingafdeling en die van de researchers. Applied science dus, en dat vind ik enorm belangrijk. Wetenschap moet wel tot iets concreets leiden. Een mooi voorbeeld hiervan zit in mijn tas: een blindenkeyboard, dat dankzij piëzo-techniek met zelfopgewekte energie kan werken. Of dit: een plastic piëzo. Daarmee kun je mechanische energie (tikken) omzetten in elektrische energie (licht).’

Leukste aan uw werk?

‘Het nieuwe dingen doen. Maar ook de interactie met mensen, de meerwaarde uit mensen halen. En verder: over disciplines heen kijken. Ik ben dan chemicus van opleiding, maar ik zoek graag interactie met andere disciplines. Op dat snijvlak gebeuren de leukste dingen. En wat ik al zei: dat ons werk ergens heen gaat. Dat er echte resultaten worden geboekt, en niet alleen papers verschijnen. Papers zijn natuurlijk belangrijk, maar ze zijn niet het hoofddoel. Gelukkig is dat ook de sfeer bij zowel Holst Centre als de TU Delft. Zeker de universiteit biedt met z’n vele vakgebieden legio mogelijkheden. Samen kom je tot de verrassendste bevindingen!’

Grootste uitdaging op dit moment?

‘Bij de TU Delft ontwikkelen we materialen die smart zijn: die reageren op externe stimuli, zoals druk of temperatuur. Daarmee proberen we voor L&R nieuwe toepassingen te bedenken. Hetzelfde doen we bij Holst. Daar werken we aan plastic elektronica, flexibele verlichting (lichtgevende folies) en oprolbare zonnecellen. De grootste uitdaging bij Holst is om een productietechnologie te ontwikkelen waarbij je vierkante meters oprolbare zonnecellen kunt produceren tegen een lage kostprijs en met een heel laag gewicht - zie hier ook meteen de link met L&R. We werken hieraan in een Europees project, genaamd light touch matters, in samenwerking met Erik Tempelman van Industrial Ontwerp. Hier in Delft is de uitdaging op de lange termijn om tot materialen te komen waarmee we energie kunnen oogsten uit de omgeving, zodat we allerlei batterijloze toepassingen kunnen maken. Denk aan energie uit trillingen, enz. Nieuw is dat natuurlijk niet helemaal, want energie uit windmolens kennen we al heel lang. Wat ik hier in mijn leerstoel probeer te doen, is met die smart materialen te komen tot nieuwe, nog slimmere materialen.’

Waarom Delft?

‘Het grote voordeel van Delft is dat er veel werktuigbouwkennis in huis is, met vele slimme, smart materialen. Het gaat ook nooit om standaard werk, maar altijd om de integratie van materialen. Een goed voorbeeld daarvan is Glare, het composietmateriaal dat hier is uitgevonden. Bovendien is de vliegtuig- en luchtvaartindustrie zeer veeleisend. Dat dwingt je om voorop te lopen in materiaalontwikkeling. Verder is het een kwestie van toeval dat ik hier terecht ben gekomen. We proberen alles te sturen in het leven, maar uiteindelijk is het toch een kwestie van netwerken en de juiste mensen tegenkomen. En wat ik ook ontzettend leuk vind: L&R in Delft is een attractieve, zeer populaire studie. Erg leuk om daarvan deel uit te maken.’

Beste eigenschap?

‘Ik ben iemand die echt doorzet. Tegelijkertijd is dat ook mijn valkuil en mijn slechtste eigenschap: ik kan nogal ongeduldig zijn.’

Minst goede eigenschap?

‘Ik ben dus ongeduldig, vooral als dingen te langzaam gaan. Ik wil vooruitkomen. Omdat ik een doorzetter ben, heb ik de neiging om af en toe te pushen. Maar niet iedereen wil daarin volgen, je hebt natuurlijk ook mensen voor wie het werk gewoon het werk is. Daar moet ik mee opletten, al heb ik daar moeite mee. Natuurlijk heb ik wel geleerd met mijn ongeduld om te gaan, maar zeker toen ik wat jonger was lukte me dat niet. Verder wil ik te veel in te korte tijd. Maar ach, als het leuk blijft is dat geen probleem. Dan krijg ik daar positieve energie van.’

Welk onderwerp hoort volgens u hoog op de politieke agenda?

‘Innovatie. In Nederland is het daar ondanks het topsectorenbeleid slecht mee gesteld. Er wordt  gesneden in subsidies voor universiteiten, TNO, LNR, enz. Dit in tegenstelling tot Duitsland, waar men het mijn inziens heel goed aanpakt. Daar is een goed innovatiebeleid en er wordt veel geïnvesteerd. In Nederland is helaas maar weinig continuïteit en het is onduidelijk waar we heen gaan. Jammer, want we hebben innovatie juist keihard nodig. Om te overleven binnen Europa moeten we voorop lopen. Jarenlang stonden we technologisch gezien in de top tien, maar het wordt moeilijk om die positie te behouden. Je ziet het ook bij grote bedrijven. Prestigieuze research-afdelingen moeten noodgedwongen inkrimpen. Ontzettend jammer en een gemiste kans! Nederland moet kiezen voor innovatie!’

Inspiratiebron?

‘Ik vind techniek gewoon heel erg leuk, in de breedte. Verder wil ik Dago de Leeuw noemen. Ik heb met hem mogen werken bij Philips Research. Tegenwoordig zit hij bij het Max Planck Institute. Dago heeft een hele hoge citatie-index en is een extreem goede wetenschapper. Ook prof. Sybrand van der Zwaag inspireert mij. Waar Dago van heel hoog de diepte in duikt, heeft Sybrand diepgang èn slaagt hij erin zijn vakgebied, Novel Aerospace Materials (NovAM), goed op de kaart zetten. Dat is enorm knap.’

Levensfilosofie?

‘Neem tijd voor leuke dingen, ook al is dat best moeilijk. Ook vind ik het belangrijk dat alles een beetje in goede harmonie gebeurt. Ik ben bijvoorbeeld een paar keer van baan veranderd, maar heb het altijd goed afgesloten. Je moet elkaar recht in de ogen kunnen blijven kijken; je komt elkaar altijd weer tegen. Zo loop ik nog regelmatig even bij Philips Research binnen. Dat vind ik klasse.’