Rinze Benedictus

Naam?

Prof.dr.ir. Rinze Benedictus

Functie?

Hoofd Structural Integrity Group,  afdelingsvoorzitter Aerospace Structures & Materials en vice-decaan. 

Privé?

‘Ik ben getrouwd en vader van twee zoons van bijna 4 en 1,5 jaar. In mijn jonge jaren was ik een enthousiast judoka, korfballer en later schermer, maar vanwege zwakke enkels gaat dat niet meer. Nu zeil ik graag, het liefst met de botter ‘Trui’ van studentenvereniging De Bolk. Dit zeilschip werd in 1875 gebouwd om op de Zuiderzee te vissen, maar wordt nu gebruikt voor pleziervaartochten. Samen met vrienden gaan mijn vrouw en ik er elk jaar wel een week mee de Waddenzee op. Het mooie vind ik dat het schip nog authentiek is. Zonder enige luxe dus, en inclusief de stank van lijnolie. Zodra de trossen los zijn, gaat het 24-uurs ritme overboord en neem je het 12-uurs ritme van de Waddenzee aan. Met hoog water ben je volop in touw - en dat kan dus ook ’s nachts zijn - en met laag water lig je stil en is er tijd om te lezen en te rusten. Back tot basics dus. Heerlijk!”

 

Favoriete vrijetijdsbesteding?

‘Het liefst ben ik lekker buiten, samen met mijn gezin. De ene keer voor een wandeling, de andere keer voor een fietstocht, mits we een doel hebben. Maar ik kan ook genieten van gewoon in de tuin bezig zijn. Verder gaan we graag met onze tien jaar oude Deux chevaux op pad. Vroeger maakten we daar trektochten mee, naar Griekenland, vlak bij Albanië bijvoorbeeld. Komende zomer willen we weer eens naar de ‘wereldeendenmeeting’. Deze keer komen alle 2CV-vrienden bij elkaar in Frankrijk, maar we zijn ook al in Griekenland, Schotland en Italië geweest. Het rijden met een eend is nog het èchte rijden. De auto denkt niet voor je, je moet alles zelf doen. Even plankgas is er niet bij, dus je moet altijd vooruit denken. Alles rammelt ook aan onze blauwe eend, en als het mooi weer is zetten we lekker het dakje open. Fantastisch.’

 

Mooiste gebeurtenis uit uw carrière?

‘Dat is moeilijk te zeggen. Als ik de vraag ombuig naar waar ik trots op ben, dan zijn dat verschillende gebeurtenissen. Het moment dat ik promoveerde op materiaalkunde bijvoorbeeld, in 1997. Na twee jaar ploeteren ontdekte ik iets waar nog nooit iemand naar gekeken had. Het moment dat ik dat licht zag, was echt heel bijzonder. Dat mijn promotiewerk vervolgens door de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen werd beloond met de Jong Talent prijs, voelde als de kroon op mijn werk. De presentatie die ik daarna moest geven voor 500 toehoorders uit het vak, was eveneens een hoogtepunt. Maar dat geldt eveneens voor het moment dat ik hoorde dat ik hoogleraar werd, in 2005.

 

Onvergetelijk is ook de conferentie die we in 2007 hebben georganiseerd ter ere van de tachtigste verjaardag van Jaap Schijve. Jaap bekleedde in ’72 voor het eerst de leerstoel die ik nu, als vierde in lijn, mag vervullen. Hij ging in ’92 met pensioen, maar is hier nog steeds. Ik beschouw hem als mijn wetenschappelijke ‘opa’. Op het congres was de hele internationale wereld op ons vakgebied aanwezig. Een indrukwekkende ervaring, die bovendien een boeiend staartje heeft gekregen. Als hoogleraar zoek je voor je leerstoel altijd richtingen die nog onontgonnen zijn. Tijdens die conferentie werden diverse innovatieve ideeën geopperd, onder meer door René Alderliesten. Calvin Rans heeft naar aanleiding daarvan onderzoek gedaan naar het ontwikkelen van duurzaamheidsmodellen om het verlijmen van vliegtuigen in de toekomst toch veilig te kunnen toepassen. Dat resulteerde in een Veni-subsidie, een financiële bijdrage van het NWO voor jonge, pas gepromoveerde onderzoekstalenten.’

 

Leukste aan uw werk?

‘Al van kleins af aan heb ik een sterke behoefte om steeds met iets nieuws bezig te zijn. Als ik lang hetzelfde doe, raak ik snel verveeld. In mijn huidige positie zit ik wat dat aangaat precies op de goede plek. Ik heb steeds te maken met nieuwe onderzoeken, nieuwe verbanden, nieuwe contacten. Er is hier kortom steeds nieuwe energie. Waar ik ook enorm van kan genieten is als iemand van mijn groep zich weet te ontwikkelen naar een positie waarin hij of zij echt iets gaat betekenen. Ik heb nu een aantal mensen in mijn groep die de potentie hebben. Een paar daarvan gaan hun carrière in Noord-Amerika vervolgen, maar wel met een stempel van de groep. Zelf ben ik veel tijd kwijt aan management, maar als je mensen zoals zij hebt die het onderzoek verder brengen, dan is dat prima. Als ik met pensioen ga, zou ik graag kunnen zeggen dat ik een Einstein in mijn vak heb kunnen voortbrengen.’

 

Waarom Delft?

‘Toen ik na mijn studie bij de Hoogovens werkte, werd me al snel duidelijk dat ik iets wilde met luchtvaartmaterialen. Je kunt dan kiezen voor de industrie of voor een academische omgeving. Ik zocht een plek waar ik kan doen wat ik wil. De wetenschappelijke wereld sluit daar het meest bij aan; daar is wel minder geld beschikbaar dan in het bedrijfsleven, maar je mag wel een eigen visie najagen. En Delft is op mijn vakgebied natuurlijk een zeer gerenommeerde universiteit.’

 

Beste eigenschap?

‘Misschien wel dat ik graag op de achtergrond blijf en niet alle eer hoef te hebben. Ik zie liever mijn medewerkers op de voorgrond. Verder werk ik graag met anderen samen. De Structural Integrity Group is onder Jaap Schijve en later Boud Vogelesang uitgegroeid tot een internationaal vermaarde groep. We streven ernaar dat hoge niveau te behouden, maar daar heb ik wel mensen voor nodig. Alleen samen staan we sterk.’

 

 

Minst goede eigenschap?

‘Ik ben introvert en dat is niet handig in een hoogleraarpositie. Bij vergaderingen denken mensen weleens: ‘hij zegt niet zoveel, dus hij vindt het wel goed’, maar dat is lang niet altijd zo. Ze willen dan wel eens opschrikken als ik alsnog mijn mening naar voren breng.’

Welk onderwerp hoort volgens u hoog op de politieke agenda? 
‘Wat mij betreft: investeren in de toekomst van het onderwijs. Zie dat niet als een kostenpost, maar als een mogelijkheid! Onderwijsgevers worden helaas enorm beperkt in hun mogelijkheden doordat het geld op is. Ook is alles zodanig voorgeschreven dat er nauwelijks ruimte is voor eigen inbreng. Laat docenten vrijer, binnen bepaalde kaders en investeer daarin.’

Inspiratiebron?

‘Je hele leven word je beïnvloed door allerlei mensen. Maar als ik dan twee inspiratiebronnen moet noemen, dan zijn dat Jaap Schijve en Boud Vogelesang. Jaap is een puur inhoudelijke man, die een sterke wetenschappelijke reputatie heeft opgebouwd. Boud is meer de man van het groepsgevoel, hij maakt het wetenschappelijke van Jaap zichtbaar. Neem als voorbeeld ons vliegtuigmateriaal Glare, dat het grote probleem van metaalmoeheid in de luchtvaart helpt op te lossen. Vliegtuigbouwer Airbus gebruikt het nu voor grote delen van hun superjumbo de A380. Jaap maakte dit technisch mogelijk, Boud sprak de juiste mensen aan. Ik zou graag een combinatie van beiden zijn.’

 

Levensfilosofie?

‘Wat ik promovendi altijd voorhoud is: neem het initiatief! Het is beter om één keer om vergeving te vragen dan tien keer om toestemming. Eigen initiatief nemen, daar gaat het om. Ik zie graag mensen die niet zitten te wachten, maar die zelf kansen zien en pakken. Zo ontstaan nieuwe initiatieven, die natuurlijk wel binnen de leerstoel moeten passen. Een goede promovendus is iemand die zelfstandig een onderzoek kan opzetten en uitvoeren, en grenzen kan verleggen. Ergens in het derde jaar moet hij of zij het gevoel hebben méér te weten dan de begeleider – tenminste, op dat specifieke gebiedje waarop zij zich toeleggen.’