Onderwijsprogramma

De bacheloropleiding duurt drie jaar en bestaat uit een mix van onderwijsvormen, zoals hoor- en werkcolleges, practica, projecten en zelfstudie. Deze onderwijsactiviteiten vinden plaats tussen 08:30 en 17:30. Een college duurt twee keer drie kwartier met een kwartier pauze tussendoor. Tijdens de projecten leer je in groepsverband kennis toe te passen én ontdek je het praktische nut van de verschillende vakken en de verbanden daartussen. Je oefent ook vaardigheden, zoals presenteren en rapporteren.

Het eerste jaar

In het eerste jaar van de opleiding werk je aan het fundament in verschillende disciplines van LST. Je volgt een uniform en verplicht programma met basisvakken in de scheikunde, natuurkunde en wiskunde met daarnaast typische LST-vakken als celbiologie, biochemie en biotechnologie.

Ook duik je het laboratorium in om practica te doen. Je ontdekt de basistechnieken van het onderzoek, zoals meten, wegen en veilig werken. En je leert hoe je resultaten verwerkt, meetrapporten en verslagen schrijft en je bevindingen mondeling presenteert.

Het onderwijs is onderverdeeld in vier periodes van tien á elf weken. Tijdens elke periode krijg je drie vakken (theorie en practica). Na elk vak is een tentamen. De stof van een aantal weken colleges en zelfstudie wordt dan getoetst. Ook voor practica, presentaties en papers (werkstukken) krijg je een beoordeling. In de laatste week van iedere onderwijsperiode zijn de herkansingen voor de vakken die je in eerste instantie niet hebt gehaald. Klik hier voor meer informatie over het eerste studiejaar.

Het tweede jaar

In het tweede jaar verbreed en verdiep je de kennis die je in het eerste jaar hebt opgedaan. Je krijgt vervolgvakken en nieuwe vakken waarin je kennismaakt met vakgebieden als gentechnologie, chemische biologie en immunologie. Daarnaast ben je gemiddeld twee dagen per week bezig met practica. Met behulp van de geleerde basistechnieken in het eerste jaar ga je aan de slag met de nieuwe vakgebieden en leer je nieuwe technieken. Klik hier voor meer informatie over het tweede studiejaar.

Het derde jaar

Het derde jaar vul je grotendeels zelf in. Je volgt twee verplichte vakken en kiest daarnaast een minor: een vakkenpakket rondom een bepaald thema, al dan niet verwant aan LST. Aan het einde van het derde jaar komen alle kennis en vaardigheden die je hebt geleerd samen in een eigen onderzoek. Dit is het bacheloronderzoeksproject. Je werkt gedurende drie maanden op individuele basis aan een onderzoeksproject in het kader van lopend onderzoek binnen een academische setting. Klik hier voor meer informatie over het derde studiejaar.

Minor

In het eerste semester van het derde bachelorjaar krijg je de vrijheid om een half jaar lang je horizon te verbreden en je te verdiepen in een onderwerp dat je aanspreekt. Op de manier waarop jij dat wilt. Duik dieper in vakken als moleculaire celbiologie en biotechnologie of verbreed je kennis door bijvoorbeeld meer te leren over het menselijk brein. Je kunt ook kiezen voor het volgen van een samenhangend vakkenpakket aan een buitenlandse universiteit en op die wijze je wereld vergroten. Een goed gekozen minor helpt je om de carrièrerichting te vinden die bij je past óf te ontdekken welke master je na de bachelor wilt volgen.

Meer informatie over Minors  


Ga verder naar Toelatingseisen



Bindend Studieadvies

De TU Delft hanteert een bindend studie advies (BSA). Dit betekent dat je in het eerste studiejaar tenminste 3/4 deel van je studiepunten moet halen om je opleiding te mogen voortzetten; dit is 45 EC van de 60 punten die je kunt halen. Als je een ‘negatief bindend studieadvies’ krijgt, kun je je de volgende 4 jaar niet meer voor deze opleiding inschrijven.



Vragen?

Neem contact op met onze studieadviseurs: