Laurie Walk


Toen ik in 2009 aan de studie Technische Natuurkunde in Delft begon, had ik weinig nagedacht over toekomstige carrièremogelijkheden. Mijn enige punt van twijfel was of ik ging voor technische of algemene  natuurkunde. Op een open dag van de studie in Delft werd mijn keuze me duidelijk gemaakt; ga voor technische natuurkunde want dan ben je “aantrekkelijker” voor de arbeidsmarkt. Voor een jonge scholier zoals ik, was dit een sterk genoeg argument om in Delft aan de slag te gaan.

Al gauw realiseerde ik me dat de studie in Delft anders was dan ik had gedacht. In mijn eerste periode haalde ik geen enkel tentamen, en kwam ik erachter dat het in Delft redelijk “normaal” is voor een student om een vak meerdere keren te moeten proberen. Gelukkig leerde ik al snel een goede studiemethode en haalde ik alsnog voldoende punten om met de studie door te mogen gaan.

Het tweede waar ik achter kwam was dat ik alle technische- en engineeringvakken moeilijk en minder interessant vond, terwijl ik met veel plezier voor de meer theoretische- en wiskundevakken hoge cijfers haalde. Hierdoor heb ik vaak teruggedacht aan of ik wel of niet de juiste keuze heb gemaakt om naar Delft te komen. Aan het einde van het BSc-programma is dit ook de reden geweest dat ik besloot om verder te gaan met een masters Theoretische Natuurkunde in het buitenland. Ik verhuisde naar Zweden om daar aan Lund University mee verder te gaan.

Kort nadat ik begon in Lund kreeg ik een nieuwe waardering voor mijn BSc-TN. Niet alleen had ik een behoorlijke voorsprong op de andere studenten als het ging om praktische en experimentele vaardigheden, maar ik had als enige geleerd om gestructureerd een paper te schrijven en om fatsoenlijk wetenschappelijk literatuuronderzoek te doen. Hiernaast hadden mijn theoretische medestudenten nog nooit een meetopstelling gebouwd en weinig leren programmeren. Ook was ik vaak de eerste student om na te denken over de technische toepassingen van theorieën, en het belang van de verkoopbaarheid van technologieën in de economie. Natuurlijk kwam ik er ook achter dat ik wel wat (theoretische) kennis miste. In mijn hele bachelor had ik bijvoorbeeld niets aan elementaire deeltjesfysica, nucleaire fysica, of atomaire fysica gehad. Over het algemeen was het me duidelijk dat het hoge tempo en niveau in Delft ervoor gezorgd hadden dat ik veel harder kon werken dan vele andere studenten in mijn masters. Gedurende mijn bachelor heb ik een onmisbaar sterke werkethiek en doorzettingsvermogen ontwikkeld, en ik denk dat mijn vooropleiding in Delft me ontzettend goed heeft voorbereid op de vervolgstudie.

Tot slot, kan ik met zekerheid zeggen dat ik erg blij ben met mijn keuze voor TN in Delft. Ook al heb ik tijdens mijn bachelor moeite gehad met de technisch aard van de studie, ben ik er volledig van overtuigd dat zowel alle praktische kennis als het analytische denkvermogen wat ik heb meegenomen, voor mij erg veel waard zijn.