Case studies

Energie in Súdwest-Fryslân

Nederland wil in 2030 ongeveer de helft van de energie duurzaam opwekken, in 2050 is dit zelfs 100% duurzame energie. Dit staat in het klimaatakkoord. De gemeente Súdwest-Fryslân moet ook een bijdrage leveren aan duurzame energie. De precieze hoeveelheid is nog niet vastgesteld, maar elke gemeente van Nederland wil proberen om de helft van zijn eigen energiegebruik zelf duurzaam op te wekken in 2030. Súdwest-Fryslân wil hier een plan voor bedenken en wil weten wat voor haar inwoners belangrijk is. Daarom heeft zij haar inwoners uitgenodigd om hun mening te geven via een Participatieve Waarde Evaluatie (PWE). In totaal hebben 1376 inwoners via deze raadpleging hun mening hebben gegeven over de toekomst van energie in Súdwest-Fryslân.

De corona app

Om de verspreiding van het coronavirus te helpen bestrijden, werkt de overheid momenteel aan het ontwikkelen van een tracking-and-tracing app. Zo’n app houdt bij welke telefoons in de buurt van elkaar zijn geweest en geeft een melding als men in de buurt van iemand is geweest die met het coronavirus geïnfecteerd blijkt. De effectiviteit van de app wordt bepaald door het aantal Nederlanders dat de app installeert: hoe meer Nederlanders de app installeren, hoe effectiever de app. In het publieke debat lopen de meningen over een dergelijke tracking-and-tracing app echter erg uiteen. Sommigen willen graag alle middelen inzetten om de pandemie te bestrijden, terwijl anderen een tracking-and-tracing app een te zware inbreuk op de privacy vinden. Systematische inzichten in de voorkeuren van Nederlanders voor de corona app zijn daarom relevant.

Versoepeling coronamaatregelen Nederland

Na de uitbraak van het coronavirus in Nederland heeft de overheid verschillende maatregelen genomen om de verspreiding van het virus te controleren, om risicogroepen zoals ouderen te beschermen en om te voorkomen dat verschillende onderdelen van het zorgsysteem overbelast raken. De essentie van de Nederlandse aanpak is: Als mensen geen contact hebben, dan kunnen ze anderen niet besmetten en verspreidt het coronavirus zich niet. Nu het RIVM vaststelt dat de maatregelen effect lijken te hebben zal de vraag moeten worden beantwoord wanneer deze maatregelen kunnen worden afgebouwd en hoe (in welk tempo, en op welke manier) dit het best kan worden gedaan. Het Kabinet baseert zich uiteraard op modelstudies van experts, maar ook de mening van de samenleving wordt meegewogen. Voor dit laatste wordt er op dit moment een Participatieve Waarde Evaluatie (PWE) uitgevoerd, waarbij burgers worden geraadpleegd over hun voorkeuren wat betreft de versoepeling van de coronamaatregelen in Nederland. 

Een PWE voor de warmtetransitie van Utrecht

Utrecht wil dat in 2030 40.000 woningen en andere gebouwen aardgasvrij zijn. De gemeente gaat al aan de slag met 18.000 woningen en dus moeten er nog 22.000 woningen aardgasvrij worden gemaakt. Wat is de beste manier om huizen aardgasvrij te maken? Deze PWE geeft bewoners de mogelijkheid om hierover een advies te geven.

Een PWE voor een waterveiligheidsprogramma

In deze PWE moesten respondenten voor vier locaties langs de Waal (Werkendam, Sleeuwijk, Gendtse Waard en Oosterhout) kiezen tussen twee varianten om de waterveiligheidsnormen te halen: ‘dijkversterking’ of een ‘combinatie tussen dijkversterking en rivierverruiming’. De resultaten van dit onderzoek kunnen worden gebruikt bij het bepalen van de balans tussen enerzijds dijkversterking en anderzijds rivierverruiming in de lange termijn ambitie rivieren. De maatschappelijke waarde van ‘combinaties van dijkversterking en rivierverruiming’ is met name groter dan ‘alleen dijkversterking’, wanneer de combinaties een positieve invloed hebben op natuur en recreatie. Dit onderzoek laat zien dat Nederlanders bereid zijn om opofferingen te maken om ervoor te zorgen dat waterveiligheid kan worden geborgd met combinatievarianten in plaats van dijkversterkingsvarianten. De resultaten bieden ook inzicht in de specifieke projecten waarop bezuinigd zou kunnen worden om combinatievarianten mogelijk te maken.

Een PWE voor investeringsprogramma in transport

De Vervoerregio heeft aan onderzoekers van de TU Delft, VU Amsterdam en ITS Leeds gevraagd om via een Participatieve Waarde Evaluatie (PWE) de voorkeuren van inwoners over (effecten van) infrastructuurprojecten vast te stellen. In de PWE moesten respondenten de Vervoerregio Amsterdam adviseren over de besteding van een budget van 100 miljoen euro. Respondenten konden dit bedrag besteden aan 16 transport-gerelateerde projecten die samen ongeveer 400 miljoen euro kosten. Concreet is aan respondenten gevraagd om de Vervoerregio Amsterdam te adviseren welke projecten de Vervoerregio binnen het budget van 100 miljoen euro moet uitvoeren. Inwoners van de Vervoerregio Amsterdam bleken een duidelijke voorkeur te hebben voor verkeersveiligheidsprojecten zoals ‘ondertunneling Stadhouderskade’ en fietsprojecten. Openbaar Vervoerprojecten en autoprojecten zijn minder populair.