De traditionele kunst van het navigeren op golven ontrafelen

De oorspronkelijke inwoners van de Marshalleilanden konden door golven te lezen van het ene eiland naar het volgende eiland honderden kilometers verderop zeilen. Ze hadden geen kompas of gps maar kwamen toch vrijwel altijd keurig aan. Gerbrant van Vledder, oceanograaf bij de TU Delft, wilde snappen hoe ze dat toch deden. Met twee andere wetenschappers volgde hij dagenlang een Marshallese zeilboot om de traditionele kunst van ‘golfnavigatie’ te bestuderen en te kunnen behouden.

Koers bepalen

De reis duurde vijf dagen. Kapitein Alson Kelen bepaalde de route. Hij is waarschijnlijk ’s werelds laatste golfnavigator die de weg bepaalt met behulp van de zon, de maan, de sterren en de golven. Gerbrant en zijn collega-onderzoekers bestudeerden zijn gebruiken en bevroegen hem hoe hij de golven aanvoelt en interpreteert. Op open zee maken de navigators gebruik van de regelmatige deining op de oceaan. Deze golven hebben een betrekkelijk constante richting en periode, en kunnen daarom worden gebruikt om koers te houden: door te sturen met een vaste hoek ten opzichte van de richting van een bepaalde gekozen deiningsgolf.

Eilanden aanvoelen

‘Het fascinerendste is de manier waarop de zeevaarders de aanwezigheid van eilanden in de buurt opmerken, tot een afstand van wel 40 km’, vindt van Vledder. ‘Eilanden kunnen de golfvoortplanting op verschillende manieren beïnvloeden. Ze kunnen de golven blokkeren, zodat er een schaduwzone achter een eiland ontstaat. Buiging van golven rondom een eiland kan de richting van de golven veranderen en voor interferentiepatronen zorgen, en eilanden kunnen golven zelfs weerkaatsen. Zo veroorzaken eilanden subtiele veranderingen in golfeigenschappen die door scherpe observatie kunnen worden opgemerkt. Op deze wijze kunnen de navigators hun positie ten opzichte van een eiland bepalen.’

Zeekaarten van stokjes en schelpen

Hun kennis leggen eilandbewoners vast in ‘stick charts’; bouwsels van kokospalmstokjes en schelpen, die tezamen schematische zeekaarten voorstellen met de deiningen, stromingen, golven en eilanden. Gerbrant probeert nu deze traditionele kennis en termen in te passen in de westerse terminologie voor golfverschijnselen.
‘Daarbij is er niet alleen een taalbarrière maar ook een conceptuele’, legt Van Vledder uit. ‘Zo hebben de Marshallese navigators allerlei namen voor golfverschijnselen waarvan niet altijd duidelijk is wat er bedoeld wordt.’

Model voor de golven

Sinds zijn thuiskomst combineert Gerbrant de plaatselijke kennis van eilandbewoners, zijn golfwaarnemingen ter plekke, satellietwaarnemingen en groot- en kleinschalige golfmodellen om deze golfnavigatie te doorgronden. Om de interactie tussen golven en eilanden te onderzoeken maakt hij gebruik van de door de TU Delft ontwikkelde golfmodellen SWAN en SWASH. Informatie over de achtergronddeining werd verkregen uit het oceanen dekkend WaveWatch III golfmodel. ‘Deze modellen helpen bij het ontrafelen van de geheimen van de zeevaarders van de Marshalleilanden. En zo kunnen we deze traditionele kennis aan een jongere generatie doorgeven. ‘

  • Lees voor meer informatie de weblog Gerbrant van Vledder.

Marshalleilanden

Gepubliceerd: augustus 2016