Project 8: Microplastics monitoren

Van 24 tot 27 augustus 2021 vond de Vliet Clean (s)Up plaats. Tijdens deze clean-up is de Vliet tussen Leiden en Delft helemaal opgeruimd. Kinderen van diverse scoutingverenigingen supten in 4 dagen de hele rivier af en hebben al het plastic dat ze tegenkwamen opgeruimd. Tijdens deze clean-up heeft WaterLab samen met stichting The Ocean Movement onderzoek gedaan naar microplastics in het water. Op verschillende trajecten hebben we samen met de suppers een nieuwe methode getest om metingen te doen om zo te kijken hoeveel microplastics we in de Vliet vinden.

Wat?

We testen een nieuwe methode om microplastics te ‘vangen’ en te analyseren. Microplastic onderzoek vindt nu vooral plaats met watersamples die in labs geanalyseerd worden. Deze methode is erg duur en daarom niet geschikt om op grote schaal toe te passen. Tijdens de clean-up testen we een goedkopere methode uit om te kijken of deze net zo betrouwbaar is als de reguliere manier van microplastic monitoring.

Resultaten

Microplastics: In totaal zijn er met twee sleepnetten 10 trajecten gemeten tijdens de clean-up. De gevonden aantallen zijn voor elk traject omgerekend naar aantal deeltjes/kilometer. Op basis van de gevonden microplastics is berekend dat er gemiddeld 83.417 stukjes microplastics per km in de Vliet zitten! De meeste microplastics zijn gevonden in en net buiten Leiden (3 trajecten met 127.745, 203.593 en 337.625 microplastic-deeltjes per km). 47,7% van de gevonden deeltjes zijn fragmenten (plasticdeeltjes afgebroken van grotere plastics), 34,6% folie (verpakkingsmateriaal) en 11,7% piepschuim.

Macroplastics: In samenwerking met Noria is het door de suppers verzamelde macro-plastic ook geanalyseerd. De hele route is opgedeeld in trajecten, om zo te kijken of er op verschillende plekken meer of minder plasticafval gevonden is. In de vier dagen van de Vliet Clean (s)UP zijn er 1341 stukken  plastic (samen 102,2 kg!) uit het water gehaald. Hiervan is het grootste aandeel (23,2%) voedselverpakkingen, gevolgd door piepschuim (13,1%). Ook is er een duidelijk verband tussen bevolkingsdichtheid en het gevonden plastic: hoe meer mensen ergens wonen, hoe meer plastic we er vinden.

Hoe?

We testen de Manta Trawl (sleepnet) methode. Dit sleepnet hangt normaal gesproken naast een boot, waarbij het microplastics aan het wateroppervlak verzamelt. Wij gaan testen of deze methode, met enkele aanpassingen, ook kan worden uitgevoerd achter een sup-board. Dit zou het voor meer mensen mogelijk maken om microplastics te verzamelen, omdat er geen boot nodig is en supboards goedkoper zijn.

De plastic-vangst wordt geanalyseerd met de 5-gyres-methode. Hierbij worden met een zeef de plastic stukjes gescheiden op grootte en type. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen stukjes groter en kleiner dan 5mm en de types Fragment, Film, Foam (piepschuim), Pellet (plastic bolletjes) en Line (vislijn of draad).

Waarom?

Microplastics zijn een groot onderdeel van het plastic probleem. Hoewel je grotere stukken plastic beter ziet en misschien op het oog meer vervuilend lijken, zijn het juist de kleine stukjes plastic die veel schade aanrichten. Zeker de allerkleinste stukjes plastics (kleiner dan 1 mm) zijn lastig uit het water te filteren in de afvalwaterzuivering. Veel van de producten die we gebruiken (bijvoorbeeld shampoo’s, scrubs of crèmes) bevatten microplastics en spoelen met het douchewater mee. Daarnaast kunnen de grotere stukken plastic over lange tijd in steeds kleinere stukjes breken. Zo worden macroplastics micro. Die microplastics worden vervolgens opgegeten door vissen en andere kleine waterdiertjes, waardoor ze verderop in de voedselketen steeds meer toenemen, met sterfte van dieren als gevolg.

Omdat je microplastics nauwelijks kunt zien, maar ze wel een groot probleem zijn, is het belangrijk om bij te houden of de hoeveelheid microplastics stijgt, daalt, of gelijk blijft. Ook kun je met (langdurige) monitoring mogelijke bronnen aanpakken. Het vinden van een goede en betaalbare methode is daarbij erg belangrijk.

Wie?

Sandra de Vries – WaterLab
Maarten Erich – The Ocean Movement

Dit onderzoek is mede mogelijk gemaakt door de Tauw Foundation, Waterschapsbank, Rabobank en Delfland.